Reincarnatietherapie

REÏNCARNATIETHERAPIE

Reïncarnatietherapie is in Nederland sinds het begin van de jaren tachtig bekend. Zij verbreidt zich snel, hoewel de therapie nog nauwelijks doorgedrongen is tot de kringen van de gevestigde psychotherapie en psychiatrie, en de cliënten de therapie meestal zelf moeten betalen. Na een aanvankelijke interesse van enkelingen, zijn er nu al velen die de weg hebben gevonden naar reïncarnatie therapeuten. De goede resultaten en de korte behandelingsduur spreken kennelijk aan.
Er zijn nu in Nederland al honderden therapeuten die een opleiding tot regressie- of reïncarnatietherapeut hebben gevolgd.

Zoals de meeste psychotherapieën gaat deze therapie ervan uit dat niets vanzelf ontstaat. Er zijn dus oorzaken te vinden voor psychische klachten als fobieën, depressies, relatiestoornissen en seksuele problemen. Voor zover die oorzaken niet lichamelijk zijn, liggen ze in ervaringen. Ook voor storende karaktertrekken als schuwheid, of voor negatieve overtuigingen zoals ‘ik doe alles fout’, zijn oorzaken in het verleden te vinden en dat geldt evenzo voor veel lichamelijke klachten of ziekten met sterke psychische componenten.
Sinds Freud is algemeen geaccepteerd dat trauma’s in de vroege jeugd psychische klachten in het latere leven kunnen veroorzaken. Later werd duidelijk dat er soms ook oorzaken zijn te vinden in de tijd vóór de geboorte.
Die oorzaken zijn we meestal ‘vergeten’. Het blijkt echter dat de herinneringen in het onbewuste bewaard zijn gebleven en we kunnen erbij komen wanneer we in een zekere trance verkeren. Trance is een veel voorkomende toestand van veranderd bewustzijn die ontstaat wanneer we ons sterk concentreren op onze innerlijke wereld. In trance kunnen we heel goed ‘teruggaan’ naar de vroege jeugd en de prenatale tijd. Dat teruggaan, dat herbeleven, is regressie.

Sinds ongeveer 1920 hebben hypnotherapeuten keer op keer de verrassende ervaring gehad dat cliënten, na de open instructie: ‘ga terug naar de eerste keer dat je die emotie of die gedachte had’, iets beleven dat lijkt op scënes uit een vorig leven. De cliënten ervaren dan samenhangende gebeurtenissen waar logica in zit en die zich niet laten veranderen. Zij ervaren die als iets reëels dat ze zelf beleven of beleefd hebben.
Die belevingen kunnen heel pijnlijk zijn geweest en emoties hebben opgeroepen die toen niet konden worden verwerkt, of tot conclusies hebben geleid die in die situatie begrijpelijk waren. Cliënten herkennen tot hun verbazing die emoties en conclusies; het zijn dezelfde die in hun huidige leven op onbegrijpelijke wijze opduiken en de problemen veroorzaken waarvoor zij therapie zochten. Na het opsporen en herbeleven en nu verwerken van toen onverwerkte ervaringen – in wat voelt en er uitziet als een vorig leven – kunnen de emoties zich ontladen en ervaart de cliënt hoe die ervaringen samenhangen met de klachten in zijn/haar huidige leven. Regressietherapie die deze merkwaardige ervaringen van cliënten niet bij voorbaat afdoet als fantasie of vlucht – hoewel die uiteraard ook voorkomen – maar ze als serieuze gegevens in het therapeutische proces betrekt, wordt reïncarnatietherapie genoemd.

De resultaten van deze benadering zijn bijzonder goed: meer dan de helft van de cliënten komt helemaal of bijna helemaal – en blijvend – van zijn klachten af in gemiddeld zes sessies van twee uur. Nog eens een kwart van de cliënten meldt een verbetering van de klachten. De effectiviteit en de korte behandelingsduur zijn voor de individuele cliënt uiteraard aantrekkelijk.
Reïncarnatietherapie is niet voor iedereen geschikt. Het is een confronterende, op inzicht gerichte therapie. Cliënten moeten dus kunnen, willen en durven ervaren wat achter hun klachten zit en zij moeten bereid en in staat zijn zelf aan hun genezing te werken.
Geloof in reïncarnatie is niet vereist (al helpt het wel). Ook wanneer de cliënt dat wat hij beleeft als een merkwaardig levendige dagdroom beschouwt, werkt de therapie. Zelfs therapeuten die aan de realiteit van de ervaringen twijfelen, kunnen goede resultaten boeken. De therapie gaat uit van de klinische ervaring en niet van een filosofie of wereldbeschouwing.